Veertig jaar lang was ze te dik. Het deerde haar niet. Tot ze in april 2008 door haar knie ging en niet meer kon lopen. ‘Ik dacht: tot hier en niet verder.’ afbeelding vergroten Erica Terpstra in november 2007 (links) en een jaar later (rechts). Erica Terpstra (65) was te dik. Dat zag iedereen, en ze wist het zelf ook.
De oud-zwemkampioene, oud-politica en voorzitter van sportkoepel NOC*NSF zat er niet mee. ,,Als iemand er wat van zei, dacht ik: ‘nou én, met jou is ook wel wat mis!”’
Bovendien verkeerde ze in blakende gezondheid. ,,Mijn lichaam weersprak alles wat bekend is over de risico’s van overgewicht.”
Tot die dag dat ze door haar knie ging. ,,Ik zat in Peking voor een vergadering over de Olympische Spelen. Ik kon ineens niet meer lopen en dat was knap onhandig. Toen dacht ik: ‘nu is het genoeg!’ De knop ging ineens om.”
Maar wie zo lang te dik is geweest, kan niet in zijn eentje afvallen, wist ze. ,,Je gedrag is dan zo ingesleten.” Ze schakelde een personal trainer in. ,,Greet Hellemans, een oud-olympisch roeister. Perfect, want zij kent de mentaliteit van een sporter.”
Niet dat Terpstra in al die veertig jaren ooit gesport had. ,,Toen ik stopte met zwemmen, hadden we nog nooit gehoord van aftrainen. Ik ging gewoon lekker alles doen wat mijn trainer altijd had verboden: laat naar bed, alles eten en vooral: níet meer sporten. Tja, als je dan ook nog aanleg hebt om dik te worden, gebeurt dat dus ook.”
Behalve een personal trainer nam ze ook een gedragspsycholoog in de arm om andere eetgewoonten aan te leren. Was ze een ‘emo-eter’, iemand die zich volstopt bij bepaalde stemmingen? Terpstra: ,,Welnee! Ik at niet om het een of ander. Bovendien ben ik altijd vrolijk. Ik associeer eten alleen met wat het is: lekker. Door die psycholoog zag ik in hoe vaak op een dag ik eigenlijk iets pakte. Tv aan, chips erbij… Dat is dus niet nodig om het gezellig te hebben.”
Inmiddels is ze ruim 40 kilo lichter. Een wonderdieet heeft ze niet gevolgd. ,,Wel een streng dieet. Minder eten en héél veel sporten. Daar komt het op neer. Vooral dat bewegen doet het. Daarom is het ook zo ontzettend belangrijk om kinderen te laten sporten. We hebben meer dan zestigduizend te dikke kinderen in Nederland! Ik ben meer dan ooit gemotiveerd om die in beweging te krijgen.”
Hoe moeilijk dat is, weet ze nu uit ervaring. ,,In het begin moest ik mezelf naar die sportschool slépen. Tjongejonge! En alles deed pijn. Nu heb ik er veel lol in. Ik doe aan fitness, zit op de hometrainer, ik train met gewichten, fiets overal naartoe én ik zwem weer.
,,Ik vind het best stom dat ik was vergeten hoe fijn het is om te sporten. De eerste keer dat ik weer een hele kilometer kon lopen op de atletiekbaan - een fantastisch gevoel! Natuurlijk denk ik vaak: was ik maar eerder begonnen.”
De grote uitdaging van wat ze haar ‘olympische project’ noemt, is nu: op gewicht blijven. ,,Ik eet drie keer per dag, en tussendoor wat fruit. Ik ben erg druk en moet vaak naar recepties. Dat is lastig. Dus zorg ik dat ik een handjevol radijsjes bij me heb. Nee, da’s niet zo gezellig. Maar het went écht.”
Overrompeld was ze door de vele reacties op haar gewichtsafname. ,,Ik kreeg mailtjes van mensen uit het land. Met felicitaties en vragen hoe ik het had gedaan. Onlangs ging ik tanken en vroeg de mevrouw aan de kassa: ‘Bent u soms Erica Terpstra?’ Ik zei: ‘Zeker, hoezo?’ Toen zei ze: ‘U lijkt op haar’. Dan stap ik grinnikend weer in mijn auto.”
Om tegemoet te komen aan alle vragen, schreef ze het boekje Help, ik val af!, dat volgende week vrijdag in de boekhandel ligt. ,,Het is geen dieetboek. Ik probeer wél duidelijk te maken dat iedereen kan afslanken. Als je écht wilt, lukt het. Maak het prioriteit. Ook al ben je heel druk; wat belangrijk is, verdient ruimte in je agenda.
,,Tijdens de Olympische Spelen was het moeilijk het regime vol te houden. Daarom heb ik gevraagd of er een hometrainer op mijn hotelkamer kon staan. Na een feestje in het Holland Heineken Huis, wil je echt niet meer naar de sportschool. Maar even op de hometrainer lukt altijd.”
Natuurlijk helpt het als je, zoals Terpstra, van nature een opgewekt mens bent. ,,Ik ben een enorme optimist en laat me niet snel uit het veld slaan. Maar ook dat is te leren. Ik haal inspiratie uit het boeddhisme. Het zoeken naar evenwicht in jezelf en respect hebben voor alles wat leeft. Boeddhist durf ik mezelf niet te noemen. Ik houd het op: een eeuwige student boeddhisme.”
* Help, ik val af!; Uitgeverij KleinDolFijn; ISBN 978 90 9023789 3; € 9,95
bron: fitness.blog.nl
woensdag 10 december 2008
Onderzoek: Verband tussen buikvet en depressies
Ouderen met depressieve klachten ontwikkelen meer buikvet dan ouderen zonder depressie. Onderzoekers van VU medisch centrum tonen dit voor het eerst aan in een groot bevolkingsonderzoek. Met de resultaten van het onderzoek is meer inzicht gekomen in het verband tussen depressie en ziekten als diabetes en hart- en vaatziekten.
Nicole Vogelzangs, onderzoeker bij VUmc en GGZ Buitenamstel, bestudeerde de gegevens van 2088 ouderen in de leeftijd van 70 tot 79 jaar. De deelnemers werden bij de start van het onderzoek gescreend op depressieve klachten. Gedurende vijf jaar werd de mate van zwaarlijvigheid gemeten aan de hand van de Body Mass Index en het percentage lichaamsvet. Daarnaast werd bij de deelnemers door middel van een CT-scan nauwkeurig de hoeveelheid vet in de taille gemeten.
Na vijf jaar bleek er geen verschil in BMI en percentage lichaamsvet bij ouderen met en zonder depressieve klachten. Ouderen met symptomen van een depressie bleken echter aantoonbaar meer buikvet te hebben ontwikkeld. Volgens Vogelzangs zijn er verschillende verklaringen voor deze toename: "Chronische stress en depressie kunnen bepaalde hersendelen activeren en leiden tot een verhoogde aanmaak van cortisol. Dit hormoon stimuleert de opslag van vet in de buikholte. Een andere verklaring is dat depressieve mensen een ongezondere leefstijl ontwikkelen en daarmee een ander eetgedrag."
Depressieve klachten komen vaak voor; zo’n 10 tot 15% van de ouderen heeft hiermee te maken. Het onderzoek toont ook aan dat de kans op hart- en vaatziekten twee keer zo groot is bij mensen met depressieve klachten.
Nicole Vogelzangs, onderzoeker bij VUmc en GGZ Buitenamstel, bestudeerde de gegevens van 2088 ouderen in de leeftijd van 70 tot 79 jaar. De deelnemers werden bij de start van het onderzoek gescreend op depressieve klachten. Gedurende vijf jaar werd de mate van zwaarlijvigheid gemeten aan de hand van de Body Mass Index en het percentage lichaamsvet. Daarnaast werd bij de deelnemers door middel van een CT-scan nauwkeurig de hoeveelheid vet in de taille gemeten.
Na vijf jaar bleek er geen verschil in BMI en percentage lichaamsvet bij ouderen met en zonder depressieve klachten. Ouderen met symptomen van een depressie bleken echter aantoonbaar meer buikvet te hebben ontwikkeld. Volgens Vogelzangs zijn er verschillende verklaringen voor deze toename: "Chronische stress en depressie kunnen bepaalde hersendelen activeren en leiden tot een verhoogde aanmaak van cortisol. Dit hormoon stimuleert de opslag van vet in de buikholte. Een andere verklaring is dat depressieve mensen een ongezondere leefstijl ontwikkelen en daarmee een ander eetgedrag."
Depressieve klachten komen vaak voor; zo’n 10 tot 15% van de ouderen heeft hiermee te maken. Het onderzoek toont ook aan dat de kans op hart- en vaatziekten twee keer zo groot is bij mensen met depressieve klachten.
Abonneren op:
Berichten (Atom)